Cardiologie
Wells-score voor diepe veneuze trombose
Schat de pretestkans op een diepe veneuze trombose (DVT).
Wells-score (DVT)-calculator
Uitkomst
0punten
Lage waarschijnlijkheid — eerst D-dimeer
Hoe je hem gebruikt
- 1
Onderzoek het symptomatische been. Kuit ≥3 cm dikker scoort 1. Drukpijn over de diepe venen, pitting oedeem, collaterale venen.
- 2
Overweeg alternatieve diagnoses. Cellulitis, geruptureerde bakercyste, spierhematoom, lymfoedeem — elk even waarschijnlijk = −2 punten.
- 3
Pas de score toe. ≤0: D-dimeer. 1–2: D-dimeer; negatief sluit uit, positief → echo. ≥3: direct echo.
Wanneer je hem gebruikt
Pas toe bij patiënten met eenzijdige zwelling, pijn of roodheid van het been, of een palpabele streng, bij wie klinisch een DVT wordt vermoed. Gebruik de score vóór het aanvragen van beeldvorming of een D-dimeer om het diagnostisch pad te bepalen.
- Eenzijdige zwelling/pijn/roodheid van het been
- Standaardpad: Wells + D-dimeer. Lage waarschijnlijkheid + negatief D-dimeer sluit een DVT uit.
- Beenklachten na een operatie
- DVT komt vaak voor na TKP/THP; Wells helpt bepalen of een echo met spoed nodig is.
- Niet bij antistolling
- Het D-dimeer is onbetrouwbaar bij antistolling (het kan vals laag zijn). Ga direct over op duplexonderzoek.
Over de score
De Wells-score voor diepe veneuze trombose (DVT) is het standaardinstrument om de klinische waarschijnlijkheid te beoordelen bij patiënten met een gezwollen, pijnlijk of rood been. De score gebruikt negen direct beschikbare klinische kenmerken om patiënten in te delen naar een lage, matige of hoge waarschijnlijkheid van een DVT (of, in de versie met twee niveaus die NICE gebruikt, als DVT waarschijnlijk of onwaarschijnlijk), en bepaalt zo direct of je overgaat op compressie-duplexechografie, een D-dimeertest of beide. Een negatief D-dimeer bij een patiënt met een lage waarschijnlijkheid sluit een DVT veilig uit zonder beeldvorming. De score wordt onderschreven door NICE, de ESC en het American College of Physicians.
Scorecriteria
- Actieve maligniteit (behandeling binnen 6 maanden of palliatief)
- 1
- Paralyse, parese of recente gipsimmobilisatie van het been
- 1
- Recent ≥3 dagen bedlegerig of grote operatie <12 weken geleden
- 1
- Gelokaliseerde drukpijn langs het diepe veneuze systeem
- 1
- Gehele been gezwollen
- 1
- Kuitzwelling ≥3 cm ten opzichte van het asymptomatische been
- 1
- Pitting oedeem, beperkt tot het symptomatische been
- 1
- Collaterale oppervlakkige venen (geen varices)
- 1
- Eerder gedocumenteerde DVT
- 1
- Alternatieve diagnose minstens even waarschijnlijk als een DVTTrek 2 punten af als een alternatieve diagnose het klinisch beeld verklaart
- −2
Interpretatie van de score
- ≤ 0Lage waarschijnlijkheidEerst D-dimeer; echografie alleen als het D-dimeer positief is
- 1–2Matige waarschijnlijkheidD-dimeer; indien positief → echografie
- ≥ 3Hoge waarschijnlijkheidDirect echografie; start antistolling in afwachting van de uitslag
Aanbeveling uit de richtlijn
NICE NG158 (2020) gebruikt de Wells-score voor DVT met twee niveaus: DVT waarschijnlijk bij 2 punten of meer, onwaarschijnlijk bij 1 punt of minder. DVT waarschijnlijk: echografie van de proximale beenvenen binnen 4 uur, en bij een negatieve echo daarna een D-dimeertest. DVT onwaarschijnlijk: een D-dimeertest, en bij een positieve uitslag echografie binnen 4 uur; een negatief D-dimeer sluit een DVT uit. Kan de echo niet binnen 4 uur plaatsvinden, start dan tijdelijk therapeutische antistolling. De drie categorieën op deze pagina zijn de oorspronkelijke versie van de score met drie niveaus.
Klinische tips
- Het criterium ‘alternatieve diagnose’ (min 2 punten) is het belangrijkste onderscheidende item — cellulitis, een geruptureerde bakercyste en oppervlakkige tromboflebitis lijken vaak op een DVT.
- Een proximale DVT (vena poplitea en hoger) is klinisch belangrijker dan een geïsoleerde distale DVT (kuitvenen), door het hogere risico op embolie.
- Dubbelzijdige beenzwelling wijst eerder op een systemische oorzaak (hartfalen, hypoalbuminemie, veneuze insufficiëntie) dan op een DVT.
- Het D-dimeer is zeer sensitief — een negatieve uitslag bij een patiënt met een lage waarschijnlijkheid heeft een negatief voorspellende waarde van >99% voor een DVT.
Beperkingen
- Niet gevalideerd bij patiënten met een eerdere DVT in hetzelfde been — de sensitiviteit is lager.
- Minder bruikbaar bij patiënten die al antistolling gebruiken.
- Beoordeelt geen DVT van de arm.
Naslag voor zorgprofessionals en studenten, geen medisch advies. Een score ondersteunt een beslissing, maar neemt hem niet. Toets elke uitkomst aan de patiënt voor je en aan je lokale protocol.
In het kort
- Specialisme
- Cardiologie
- Invoervelden
- 10
- Type
- Puntenscore
- Richtlijnen van
- NICE, BTS
Veelgestelde vragen
Welke Wells-score voor DVT wijst op een hoge waarschijnlijkheid?
Een score van ≥3 wijst op een hoge waarschijnlijkheid van een DVT. Ga bij deze patiënten direct over op compressie-duplexechografie, zonder op de uitslag van het D-dimeer te wachten. Sommige richtlijnen adviseren met antistolling te starten in afwachting van de beeldvorming als die langer dan 4 uur op zich laat wachten. In de versie met twee niveaus die NICE gebruikt, geldt een score van 2 punten of meer al als DVT waarschijnlijk, met direct echografie.
Kan een negatief D-dimeer een DVT uitsluiten?
Ja, als de voorafkans niet hoog is: een lage of matige score in de versie met drie niveaus (≤2), of DVT onwaarschijnlijk in de versie met twee niveaus (≤1), sluit samen met een negatief D-dimeer een DVT uit. Bij een hoge score (≥3), of DVT waarschijnlijk (≥2) in het NICE-pad, doe je eerst beeldvorming: een negatief D-dimeer alleen heeft in deze groep een onvoldoende negatief voorspellende waarde.
















